Thermometers in plaats van toetsmatrijzen en rubrics!

Er bestaan geen gemiddelde mensen. En er bestaan geen machines die bepalen wat mensen moeten doen. Toch leven we in een tijdperk waar we in het onderwijs gemiddelde mensen opleiden en lijkt het er steeds meer op dat machines en technologie ons leven beheersen en bepalen.

De systemen in het onderwijs die door mensen zelf zijn bedacht beheersen steeds vaker hoe we opleidingskwaliteit borgen. Dit gebeurt vooral vanuit angst! Van een compententie-matrix gaan we naar vinklijsten en van vinklijsten gaan we naar rubrics en toetsmatrijzen. Vanuit daar worden vervolgens onderwijsprogramma’s ontwikkeld die experts (docenten) hun ogen logisch in elkaar zitten en vooral een chronologische volgorde laten zien van leeractiviteiten gekoppeld aan bijvoorbeeld de Taxonomie van Bloom of een van de andere taxonomieën.

Kan het dan echt niet anders? Natuurlijk wel, innoveren in de box van systemen vraagt alleen om een andere aanpak en het betrekken van de lerende zelf. Moet het dan compleet om? Nee, er kunnen nog steeds tentamens worden afgenomen met summatieve beoordelingen als eindresultaat. Er moet in mijn ogen alleen meer balans komen in het toetsprogramma. Het slaat nu heel erg door naar slechts 1 kant. Wil je een start maken als docent om met andere vormen en denkwijzen kennis te maken lees dan eens het boek Toetsrevolutie van Kneyber en Sluijsmans.

Oja, wij hebben zelf natuurlijk ook nog een praktijkvoorbeeld! Thermometers meten een persoonlijke temperatuur van een persoon. Je krijgt een gepersonaliseerd beeld van jouw toestand in een bepaalde context. Deze aanpak kan ook prima gebruikt worden in het onderwijs. Bijvoorbeeld in relatie tot een soft skill als creativiteit. In een coachgesprek met je student vul je een blanco thermometer in. Je laat de student omschrijven wat creativiteit voor hem inhoudt bij de score van een 0, een 5 en een 10. In het begin is dit ontzettend lastig te omschrijven, een start maken is daarom het belangrijkste dan dat het perfect is omschreven. Daarna geeft hij de creativiteitsthermometer een score inclusief een korte onderbouwing waarom hij zichzelf bijvoorbeeld een 4 scoort (hier zit overigens geen waardeoordeel aan vast als een 4 is onvoldoende). Vervolgens gaat de student na het coachgesprek weer lekker aan de slag met allerlei leeractiviteiten in het onderwijsprogramma en spreekt hij zijn coach een week later weer. Op dat moment start je met het eventueel aanpassen van de omschrijvingen wat creativiteit inhoud bij de scores 0, 5 en 10. En daarna scoort hij zichzelf wederom op de creativiteitsthermometer. Na een periode van bijvoorbeeld 10 weken is het enorm boeiend om te kijken hoe het ontwerp van de thermometer zich heeft ontwikkeld. Daarnaast is het bekijken van de gemiddelde score interessant alsmede de ontwikkeling in groei en of krimp van de startscore en eindscore en de onderbouwing daarbij door de student zelf.

Dit kan op meerdere thermometers tegelijk (denk aan: zelfvertrouwen, eigenaarschap, ondernemende houding, oplossingsgerichtheid, communicatieve vaardigheden enzovoorts). Is dit dan DE oplossing?! Nee het is een van de oplossingen die zorgen voor meer balans en het centraal zetten van de student zelf in plaats van het systeem en de standaarden.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *